Op 1 juni 1980 trad de omvangrijkste
verandering van de voorschriften van het Oostenrijkse
seinwezen sinds de Tweede Wereldoorlog in werking. Naast
de nieuwe seinvoorschriften (V2) werden ook talrijke
andere voorschriften veranderd of opnieuw opgesteld. Ook
de dienstregelingshulpmiddelen (spoorboekjes,
afbeeldingen) werden gewijzigd, net zoals talrijke
diensthulpmiddelen en instructies. Hierin werden de
belangrijkste veranderingen van de seinvoorschriften
(V2) getoond.
De indeling in seinen en kentekens werd opgeheven. Men
spreekt nu alleen nog van »seinen«.
De nummering van de seinen/seinbeelden werd afgeschaft.
Vroeger hadden de afzonderlijk seinbeelden en borden
(kentekens) een nummer: "Stop" was bijvoorbeeld Signal 3,
"stroomafnemer laag" was Signal 72, het "rangeerstopbord"
was K 110 (K = kenteken).
Voor het uiterlijk van de seinen is alleen de
beschrijving toonaangevend. De afbeeldingen dienen alleen
als toelichting.
(1 = stop voor trein- en rangeerbewegingen, 2 = rangeren toegestaan)
1
2
Tot 1980 was er een strikte
scheiding tussen seinen voor treinbewegingen en
seinen voor rangeerbewegingen. Stoptonende
hoofdseinen golden niet voor rangeerbewegingen.
Hiervoor moesten rangeerseinen die aan de mast
het hoofdsein verbonden waren het seinbeeld
"rangeren verboden" kunnen tonen.
1
2
Sinds 1980 geld het begrip
"Stop" van het hoofdsein ook voor
rangeerbewegingen. Bij rangeerseinen die aan de
mast het hoofdsein verbonden zijn/waren werden
de lampen voor het seinbeeld "rangeren verboden"
uitgeschakeld en op den duur verwijderd.
1
2
Bij het nieuwe standaardsein
(zie seinstelsel vanaf
1980) is het rangeersein in het
achtergrondscherm van het hoofdsein
geïntegreerd.
Omdat één rood licht voor rangeerbewegingen geen
betekenis had, toonde de dekking-/beschermingsseinen
twee rode lichten. Vanaf 1980 werd het tweede rode licht
uitgeschakeld en op den duur verwijderd.
Hoofdsein met vervangingssein
(Ersatzsignal)
Bestaat
vanaf 1980 maar uit één knipperend licht
nog geen afbeelding
nog geen afbeelding
Spoorwegovergang-bewakingsein
In
de beginstand alleen maar een geel licht. Het
knipperlicht is vanwege het verwarringsgevaar met het
vervangingssein voortaan eveneens geel in plaats van
wit.
Voorseinen op zijlijnen hadden geen bakens
voorafgaand aan een voorsein. Tot 1980 werd elk voorsein
met een voorseinbord aangeduid. Na 1980, toen het
voorseinbord werd afgeschaft, werd/wordt ieder voorsein
voorafgegaan door minstens een baken.
Een rangeerbeweging moet bij het sein "rangeren
toegestaan" nog altijd een daarbij horende rijopdracht
afwachten. Vrije locomotieven (zonder wagons) zijn
daarbij uitgezonderd. Bij rangeerseinen die voor
meerdere sporen gelden moet in elk geval een daarbij
horende rijopdracht worden afgewacht.
Oorspronkelijk waren de rangeerseinen die voor één
spoor gelden speciaal gekenmerkt (door middel van een
witte, zwart gerande ruit). Na 1980 werden de
rangeerseinen die voor meerdere sporen gelden gekenmerkt
(door middel van een witte driehoek als
rangeersein-toevoeging).
voor 1980
na 1980
Rangeersein geldend voor één
spoor
Vrije locomotieven (zonder wagons)
hoeven geen bijbehorende rijopdracht af te
wachten om verder te mogen rijden.
Rangeersein geldend voor
meerdere sporen
Alle rangeerbewegingen - ook
vrije locomotieven (zonder wagons) - moeten een
bijbehorende rijopdracht afwachten om verder te
mogen rijden.